Terwijl wij slapen, zorgt de strooiploeg voor veilige wegen en voetpaden

Wanneer de temperaturen dalen en vorst of sneeuw wordt voorspeld, staat de gemeentelijke strooiploeg klaar. Vaak nog vóór de ochtendspits en terwijl de meeste inwoners slapen, trekken zij eropuit om wegen, fietspaden en stoepen zo veilig mogelijk te houden.

Toch is winterdienst geen exacte wetenschap: weersomstandigheden kunnen snel veranderen en niet alle straten kunnen tegelijk worden aangepakt. We lichten graag toe hoe de strooiploeg werkt en waarom bepaalde keuzes noodzakelijk zijn.

Altijd paraat bij winterweer

De strooiploeg bestaat uit medewerkers van de technische dienst die tijdens de wintermaanden in een permanentiesysteem werken. Zij volgen de weersvoorspellingen nauwgezet en beslissen op basis daarvan wanneer er wordt uitgereden. Het werk vergt concentratie, ervaring en teamwerk, omdat geen enkele situatie hetzelfde is. Preventief strooien en flexibel inspelen op weersomstandigheden is essentieel om de veiligheid van inwoners te waarborgen.

Duidelijke prioriteiten op de weg

Omdat het onmogelijk is om alle straten tegelijk te strooien, werkt de gemeente met vaste prioriteiten via een strooiplan. Hoofdwegen, belangrijke verbindingswegen en druk gebruikte trajecten komen eerst aan de beurt. Daarna volgen enkele drukke straten, afhankelijk van de weersomstandigheden.

In woonwijken met beperkt verkeer wordt niet gestrooid of geschaafd. Bewoners moeten hier maximaal enkele honderden meters over niet-gestrooide of niet-geschaafde wegen rijden alvorens ze een gestrooide of geschaafde weg bereiken. De overgang van een gestrooide naar een niet-gestrooide weg kan gevaarlijke situaties veroorzaken. Weggebruikers worden daarom gevraagd om bij winterweer extra voorzichtig te zijn en hun rijstijl aan te passen aan de toestand van het wegdek.

Het zoutstrooien en sneeuwschaven wordt bewust beperkt tot het uitgewerkte strooiplan omwille van volgende redenen:

  • Om effect te hebben, moet er verkeer passeren. Zout wordt pas goed verspreid wanneer voertuigen erover rijden.
  • In woonwijken wordt soms gevraagd om niet te strooien, zodat kinderen in de sneeuw kunnen spelen.
  • Strooizout is schadelijk voor het milieu, daarom wordt het gebruik ervan zo veel mogelijk beperkt.

 

Ook stoepen en voetpaden verdienen aandacht

Naast de wegen is er een aparte ploeg die instaat voor het strooien van stoepen, voetpaden en pleinen. Dat werk is minstens even belangrijk, zeker voor voetgangers, ouderen en schoolgaande kinderen. Preventief strooien en goed samenwerken binnen het team zorgt ervoor dat voetpaden tijdig veilig blijven.

Goed voorbereid, in weer en wind

De strooiploeg beschikt over speciaal uitgeruste voertuigen en voldoende strooimateriaal. Medewerkers zijn opgeleid om veilig en efficiënt te werken, met oog voor mens en milieu. Preventief strooien gebeurt vaak nog vóór gladheid zichtbaar wordt.

Het werk vergt coördinatie, teamspirit en inzet op onregelmatige uren, want winterweer stopt niet bij het einde van de werkdag of het weekend.

 

Strooizout en wegenwerken

Strooizout kan schade toebrengen aan nieuw beton. Daarom wordt nieuw aangelegd beton het eerste jaar niet gestrooid. Bij wegenwerken in uitvoering kan het bovendien voorkomen dat straten die normaal in het strooiplan zijn opgenomen, tijdelijk niet of slechts gedeeltelijk worden gestrooid. Omgekeerd kunnen straten die normaal niet tot de strooiroute behoren, tijdelijk wel gestrooid worden wanneer ze deel uitmaken van een omleiding. Nieuwe wegen worden, waar mogelijk, wel geschaafd.

 

Wat doet het Vlaams Gewest?

De ijzel- en sneeuwbestrijding op gewestwegen en aangrenzende fietspaden gebeurt door het Agentschap Wegen en Verkeer (Vlaams Gewest). Het district Vosselaar is bereikbaar via het nummer 014 47 30 00.

 

Wat wordt er verwacht van inwoners?

Winterveiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid. Naast de inspanningen van de gemeente spelen ook inwoners een belangrijke rol in het beperken van risico’s bij winterweer:

  • Bij vriesweer is het verboden om water op de openbare weg te gieten of te laten lopen, onder welke voorwaarde ook.
  • Bij ijzel of sneeuw moet op het voetpad een vrije doorgang van minstens 1,20 meter worden voorzien voor voetgangers.
  • Sneeuw en ijs moeten op het voetpad langs de boordstenen worden gelegd en niet op de rijweg worden gegooid.
  • Er moeten de nodige maatregelen genomen worden om gladheid te vermijden.

Deze verplichtingen rusten op de bewoners van de woningen, en op de eigenaars of vruchtgebruikers van leegstaande panden. Bij appartementsgebouwen geldt de verplichting voor de bewoner van het gelijkvloers, of, indien deze afwezig is, voor de bewoner van de eerstvolgende verdieping.

Tot slot geldt voor alle weggebruikers dat zij hun rijstijl steeds moeten aanpassen aan de weersomstandigheden.

 

Samen veilig de winter door

Winterdienst is mensenwerk, en geen enkele situatie laat zich volledig voorspellen of controleren. Bij hevige sneeuwval of langdurige vorst kan het gebeuren dat wegen snel opnieuw glad worden. Begrip, geduld en samenwerking maken dan het verschil.

De strooiploeg, inclusief alle medewerkers op de weg, de administratie en toezichthouders, werkt met vakkennis, inzet en een sterke teamgeest om de veiligheid van iedereen te waarborgen. Hun inzet gebeurt met de beste bedoelingen en binnen duidelijke afspraken en prioriteiten.

Met wederzijds begrip en samenwerking komen we samen veilig de winter door.

Gepubliceerd op donderdag 8 jan 2026 om 12:14